Textiele technieken: Batik, knopen, weven en meer

De textielkunst in onze collectie is uitgevoerd in verschillende technieken: Batik, Gemengde techniek, Knopen, Naaldtechnieken, Weven en Dubbelweven


Bausenwein - Atelier BausenweinBatik: handgemaakte unica in de traditionele batiktechniek bestaand uit opeenvolgende kleurgangen, waarbij telkens weer delen van het werk met was worden bedekt teneinde de reeds verkregen kleuring te behouden. Walter Bausenwein bedient zich van deze techniek en maakt meest abstract werk dat op raam gespannen en eventueel ingelijst wordt.

Met hete was worden bepaalde delen van het ontwerp bedekt. In de opeenvolgende kleurgangen van licht naar donker behouden deze afgedekte delen hun kleur. De uiteindelijke kleurstelling is behalve van de hoeveelheid kleurstof afhankelijk van de textielsoort en de temperatuur, duur en volgorde van het kleurbad. De samenstelling van de was bepaalt het ontstaan van de vele kleurschakeringen en breuklijnen ("craquelures"), die soms een bijna gemarmerd patroon vormen.


Gemengde techniek: werk dat in combinaties van technieken gemaakt is. Hierbij kan ook gebruik gemaakt zijn van niet-textiele materialen, zoals metaal, glas, hout, papier. Jaeger, Le Ster, Matejat en Vallet bedienen zich geregeld van gemengde technieken.

 

Knopen: de handgeknoopte wandkleden (wandtapijten) worden vervaardigd op een weefgetouw met een ketting (schering). Dit is het geheel van de op het weefgetouw verticaal gespannen draden. Een knoop bestaat uit een draad die rond twee kettingdraden is geknoopt. Als het kleed af is, wordt het van het weefgetouw gehaald en geschoren. Zo ontstaat de pool. De handgeknoopte kleden kunnen ook dienst doen als vloerkleed (karpet). 

 

Naaldtechnieken: applicatie, borduren, patchwork van Strömsdörfer en Vallet


Schmidt Falling leaves in uitvoeringWeven: het weven geschiedt in de eeuwenoude, traditionele gobelintechniek op een weefgetouw met een ketting (schering). Dit is het geheel van de op het weefgetouw verticaal gespannen draden. De inslagdraad (inslag) wordt afwisselend voor- en achterlangs de kettingdraden gevoerd, zo ver als het kleurvlak van het ontwerp (carton) aangeeft.

Deze inslagdraden worden aangeslagen, waardoor de kettingdraden geheel bedekt worden. Hierdoor ontstaat het voor het gobelin-weven kenmerkende (geribbelde) ripsweefsel met galen en intandingen. Een gaal is een spleet die ontstaat daar waar verschillende kleurvlakken tegen elkaar liggen. Afhankelijk van het ontwerp kan de gaal dichtgenaaid worden of open blijven. Intandingen (hachures) ontstaan daar waar de inslagdraden van één kleur in een ander kleurvlak overlopen.

Een wandtapijt dat op deze wijze tot stand komt wordt ook aangeduid met de termen gobelin of tapisserie. Deze techniek wordt toegepast door o.a. Feijen, Jaeger, Schmidt, en Strýček.

 

DubbelwevenMatejat werkt in deze techniek, kortweg aangeduid als weven met een dubbele schering en inslag, waardoor het werk desgewenst tweezijdig toepasbaar is als ruimtedeler, kamerscherm, installatie.